
Vandaag bespreken we het boek Wachten, een levenshouding, van Dirk de Wachter.
Waarom wachten als het sneller kan? Dat is het gevoel van de ondernemer. Terwijl wachten, ruimte maken, veel oplevert. Denk aan betere beslissingen, focus, meer aandacht voor de lange termijn, betere relaties. Dat is waar dit boek je inspiratie kan geven. Hoe je ruimte maakt voor een beter resultaat.
Dirk de Wachter is psychiater-psychoterapeut en hoogleraar. We bespraken eerder Borderline Times van hem en andere bekende boeken van hem zijn De van het ongelukkig zijn en Vertroostingen.
Hij is een graag geziene gast in Nederlandse programma’s zoals Buitenhof https://www.youtube.com/watch?v=JMU8KDnfwBQ .
Dit is een video van VPRO boeken met Dirk over het boek Wachten https://www.youtube.com/watch?v=lqbMClKHEXE
https://nl.wikipedia.org/wiki/Dirk_De_Wachter
Hij is naar eigen zeggen erg beïnvloed door filosoof Emmanuel Levinas en schrijver Michel Houellebecq. In 2021 maakte Dirk De Wachter bekend dat hij kanker heeft.
Voor mij is het een heerlijk boek waarin De Wachter het belang van wachten en stilstaan in de snelle wereld verduidelijkt. Dit doet hij vanuit verschillende standpunten, persoonlijk uit zijn eigen leven of in zijn praktijk. De hoofdstukken zijn kort, ongeveer 10 pagina’s, en het leest gemakkelijk. Het is fijn om het per hoofdstuk te lezen en dan te laten bezinken. Wat ik soms lastig vind, zijn de Franse stukjes tekst die niet vertaald zijn. Zo goed is mijn Frans niet.
De inhoudsopgave
- Wachten
- Wachten, een levenshouding
- Wachten bij de bakker
- Wachten en wondere gedachten
- Wachten zonder verwachting
- Wacht niet te lang, maar wacht als het kan
- Dichter bij het wachten
- Wachten op de verdieping
- Wacht maar, niet alles moet nu
- Wachten op de liefde
- Wachten om de tijd te doden
- Wacht eens… bidden we nog?
- Wachten op slecht nieuws
- Het museum van De Wachter
- Wachten op wat nog komen gaat
Wachten
Hij vertelt over zijn vriend en mentor Sam IJsseling en hoe het idee voor dit boek ontstond in 2009. Een beschouwing over het wachten. Waarbij Dirk opmerkt dat zijn achternaam de essentie van het leven bevat: de wachter.
Wachten, een levenshouding
Het wachten zonder verwachting (Heidegger Gelassenheit ist das Warten ohne Erwartung)
Mensen misbruiken soms het ‘wachten’ als alibi om niets te doen. Dat is niet de levenshouding die Dirk bedoelt, die zelf , nu de kinderen ouder zijn, harder werkt dan ooit. Niets doen is je verantwoordelijkheid ontlopen, zegt hij zelfs. Het is niet de verbinding met de ander aangaan.
Wachten is niet niets doen.
Wandelen en wachten gaan goed samen. Hij noemt de flaneur. Wandelen en wachten, zonder doel. De Wachter wandelt vaak over kerkhoven. Verbinding aangaan met anderen, de doden.
Bijzondere moment van zijn oom, die in een woonzorgcentrum wachte op zijn dood.
Wachten bij de bakker
Het wachten in de rij, buiten, voor de bakker. Een boekje lezen in de rij. Het verhaal over Bernard Dewulf die hij daar ziet in die rij, twee weken later overlijdt, de ontmoeting met zijn weduwe na een lezing.
Lezen tijdens het wachten is heerlijk.
Het uitkijken (wachten) naar iets lijkt niet meer te kunnen. We willen spullen en het resultaat zo snel mogelijk. Terwijl het wachten op dat resultaat net zo mooi is, of zelfs mooier dan het resultaat zelf.
Zo beschrijft hij het werk van Levinas en het werk en wachten op het resultaat. Zoals de eerste appels van je eigen appelboom.
Als afsluiting zegt hij nog dat we in de coronatijd hebben geleerd om te wachten en verbinding te maken.
Wachten en wondere gedachten
Dat doet het wachten: het overstijgen van de kloktijd, het aanzetten tot wondere gedachten, het ontstijgen van het dwingend moeten, het proeven van de wezenlijkheid van het bestaan. (mooi)
Met zijn dochter op een bankje wachten tot de sluis weer dicht is en ze verder kunnen wandelen.
Wachten zonder verwachting
p49 Hij vertelt over hoe lastig lezen was in de tijd dat hij ernstig ziek was. Hij las één boek samen met zijn zoon – Een odysse en besprak ieder hoofdstuk samen met zijn zoon.
De zin van het leven: ‘zum Tode leven’ enkel omdat we sterven heeft het leven zin. Alleen omdat we doodgaan, krijgt wat we hier doen betekenis. (wow)
Niet vluchten voor het leven, maar goed en rustig en bedachtzaam nadenken over wat we doen en waarom. Misschien moeten we minder doen en beter nadenken over wat, waarom en wanneer. (WOW). Past goed bij mij (en bij ondernemers).
Introduceert een filosoof die ik nog niet kende, Henri Bergson (de beroemste filosoof van de wereld – waarom kende ik hem nog niet) – Tijd en vrije wil, lezen.
De Wachter noemt ook wachten in een rij, niet voordringen. Iemand voor laten gaan. Galant zijn. Levinas wachtte heel lang op erkenning omdat hij nooit op de barricades sprong. – Voor erkenning moet je dus positie innemen, de barricades op.
Het programma Donderdagen met Dirk De Wachter https://npo.nl/start/afspelen/brainwash-special
Levinas – Het zijn bestaat niet uit rusten in zichzelf, maar uit zichzelf ontdoen van zichzelf. Iets zijn betekent toegewijd zijn aan de ander. Zonder de ander was ik geen mens.
Wacht niet te lang, maar wacht als het kan
p68 De lastigheid is er nog, maar het leven is goed. Hoe kunnen we een goed leven hebben met een ernstige kwetsbaarheid die nooit helemaal voorbijgaat? Herstel zit in verbinding gaan. Geduldig aanwezig zijn en wachten tot mensen zelf een stap zetten. Niet te veel zeggen over wat mensen moeten doen.
Mooi verhaal over het Wachthuis voor mensen die op de wachtlijst voor de psychiatrie staan.
Dichter bij het wachten
Geweldig om zo je netwerk met waardevolle mensen uit te bouwen. ‘Niet door te zoeken, maar door te wachten en te vinden.’ p85
In dit hoofdstuk staan veel quotes van andere boeken en gedichten. ‘Schilderen, dat is wachten.’ Het echte werk is dus wachten. De kunstenaar wacht.
Dagboek van een dichter – Een levensboek: veertig jaar lang elke dag één zin, één regel. Wow.
Michaux p91
‘Het leven verstrijkt, verdwijnt, even snel als het wordt gebruikt; lang duurt het alleen voor wie in staat is tot zwerven, luieren. Aan de vooravond van zijn dood beseft de man van de daad en de arbeid – te laat – dat het leven van nature lang duurt, een duur die ook hem ten deel had kunnen vallen als hij zich maar niet constant tegenaan had bemoeid.
Morning Pages – is ook zoiets. Schrijven komt er vanzelf op papier.
Wachten op de verdieping
Wacht maar, niet alles moet nu
Wachten in een professioneel leven is absoluut niet zo slecht. Neem tijd om te groeien in je functie. Laat het rustig doordringen. Word beter.
Watchful waiting.
Beleggen in verbinding. Samen met mensen. Dat is heel kostbaar.
Soms komen die leidinggevenden bij hem. Ze hebben een burn-out en het niet-wachten heeft hen tot wanhoop gedreven.
De professionele wereld zou beter functioneren als we beslissingen bedachtzamer maken. Jonge mannen en vrouwen zouden op jongere leeftijd meer aandacht aan het gezinsleven moeten besteden. Pas als de kinderen groot zijn, gaan ze voor die carrière.
Zijn stelling is dat het leven beter wordt met het ouder worden. Er komt met het ouder worden een soort geduld. Net alles moet nog.
Wachten op de liefde
Twijfel desnoods lang. Wees omzichtig, wacht, bespreek, denk lang na en beslis dan pas. Maar als je beslissing valt, moet dit je motto zijn: bemin je keuze.
Je verandert in relaties niet tegelijkertijd. Iedereen groeit op zijn of haar eigen wijze mee. Zo scharnier je aan elkaar. (mooi)
Over scheiden. Grote mensen moeten doen wat ze denken dat ze moeten doen, maar ze moeten vooral de zorg voor hun kinderen niet uit het oog verliezen. De verticale verbindingen zijn essentieel.
Als je de keuze niet bemint, geef je die keuze geen kans.
Als ouder niet te veel je eigen verwachtingen op je kinderen afwentelen. Het kind moet eigen dromen kunnen creëren. Liefst met Gelassenheit.
Wachten om de tijd te doden
Bij het vissen is het wachten de essentie, maar ook de verbinding tussen vader en zoon (of opa en kleinzoon).
p115 als ouder heb je de taak om je kinderen af en toe te begrenzen. het is belangrijk dat ze zich kunnen vervelen. Niet alles moet ingevuld worden. Om van binnenuit, en vanut de verveling de creativiteit doen opstijgen. (geldt ook voor de volwassene zelf)
Zoektocht naar de zin (Il y a). Dat kan niet door te geneiten van de kicks, maar wel door te genieten van de gewone dingen in het leven. De wereld dankbaar beleven als een goeie plek. Dat is de kunst va het leven.
Iets doen met je handen. Iets maken. De zorg voor de ander, zorgen voor vrijheid van de ander, het kleine goede.
Wacht eens… bidden we nog?
Rituelen zijn wachtmiddelen.
Wachten op slecht nieuws
De kunst van het leven, van een nadeel een voordeel maken.
p135
p137
Het museum van De Wachter
Wachten als grondhouding de kans om tijd te geven aan het zelf.
Wachtpuntefficiëntie – coaches die je stilte en wachtmomenten aanbieden. Niet mediteren om daarna weer door te rammen.
Wachten op wat nog komen gaat
In 2026 op emiraat (met pensioen). Een mooi systeem bedacht om te werken p 149.
Een possibiliste: alles is altijd mogelijk.
Opvallende lessen uit het boek voor ons:
- 00:00 intro – een eerste indruk van het boek
- 02:40 De Belgen zijn wat bedachtzamer dan de Nederlanders.
- 04:05 Het boek is wat uit de tijd gevallen.
- 06:55 Relationeel in plaats van transactioneel werken.
- 09:40 De centrale rol van de filosoof Heidegger in het boek.
- 10:20 Twee typen wachters, de wachtende en de wachter, waarvan de wachter wacht zonder verwachting.
- 16:05 Wie iemand voorlaat gaan, ervaart de deugd van het wachten die voortkomt uit die beleefdheid.
- 18:45 De Wachter kreeg weer zin in lezen doordat hij samen met zoon telkens een hoofdstuk las en samen bespraken. Opnieuw het belang van relaties.
- 24:30 In gesprek met de doden op kerkhoven voor de relatie met mensen uit de geschiedenis.
- 25:00 Je netwerk met waardevolle mensen uitbouwen, niet door te zoeken, maar door te wachten en te vinden.
- 26:20 Schilderen is wachten. Het echte werk is wachten. De kunstenaar wacht tot het werk tot zich komt.
- 29:50 De verleiding van snel carrière maken. Carrières worden zo opgefokt.
- 32:10 De kern van een bevredigend leven als ondernemer.
- 33:30 Als ouder niet te veel je eigen verwachtingen op je kinderen afschuiven.
- 36:25 Een mooie manier om te werken vanaf zijn pensioen als hoogleraar.
- Leven in tijden van versnelling – Hartmut Rosa #boekencast afl 86
- Martin Heidegger – Wikipedia
- Emmanuel Levinas – Wikipedia
- Man’s search for meaning – Viktor E. Frankl #boekencast afl 38
- Infocratie – Byung-Chul Han #boekencast afl 72
- Over het verdwijnen van rituelen – Byung-Chul Han #boekencast afl 123
- Antifragile – Nassim Nicholas Taleb #boekencast afl 37
- Adriaan van Dis – Wikipedia
- Bas Heijne – Wikipedia
- Hidden Champions van de 21e eeuw – Hermann Simon #boekencast afl 25
- Khalil Gibran – Wikipedia
- M. Vasalis – Wikipedia, pseudoniem van Margaretha Droogleever Fortuyn-Leenmans
Luister naar deze aflevering
Video van deze aflevering
In deze aflevering bespreken we het boek Wachten een levenshouding. Wat een geweldig boek. De taal die Dirk de Wachter gebruikt, bloemrijk, leest fijn. Voor ons spreekt de gelatenheid (Tom) en relaties (Erno) uit het boek.
De gelatenheid om meer ontspannen in het leven te staan. Meer ruimte te nemen voor dingen. Minder haasten, meer wachten.
De relaties met zijn vrouw, zijn zoon, filosofen, overleden mensen, in het boek lees ik telkens weer over de tijd en ruimte die De Wachter neemt voor relaties. De oprechte connectie en liefde voor de ander. Wachten in een druk leven voor meer ruimte.
Samenvatting (met hulp van AI)
In aflevering 136 van de Ondernemers Boekencast bespreken we het boek van Dirk de Wachter, Wachten, een levenshouding. Een kort en toegankelijk boek van ca. 150 pagina’s met vijftien korte hoofdstukken.
We waarderen de leesbaarheid, de Vlaamse stijl en het filosofische niveau, met Heidegger (Gelassenheit) en Levinas als belangrijke referenties, plus thema’s als beleefdheid, bescheidenheid en “wachten zonder verwachting” via het onderscheid tussen “wachtenden” en “wachters”.
De Wachters kankerdiagnose in 2021 en de rol van zijn vrouw en zoon komen terug, evenals voorbeelden uit corona, relaties die ontstaan tijdens het wachten en reflecties op carrièrehaast, ouderschap en liefde.
We sluiten af met het gedicht “Ik trek mij terug en wacht” van Vasalis en het advies om dit boek langzaam, hoofdstuk voor hoofdstuk, te lezen.
Transcript
[00:00:00] Erno Hannink: Welkom in de nieuwe Ondernemers Boekencast aflevering 136. Vandaag bespreken we het boek van Dirk de Wachter… Met de hele toepasselijke titel Wachten, een levenshouding. De wachter, hij is de wachter Die link legt hij overigens zelf in het boek. Het is niet wat wij die hebben verzonnen of zoiets. We hebben het boek van de uitgever volgens mij gekregen Tom.
Even checken met jouw… Dan weet je het ondertussen niet meer want je koopt het ook gewoon zelf. Nee,
[00:00:29] Tom van der Lubbe: precies. kan ook best zijn dat ik het gekocht heb.
[00:00:32] Erno Hannink: Ik hoop
[00:00:32] Tom van der Lubbe: dat het een Belgische uitschrijver is.
[00:00:34] Erno Hannink: Het is Lano Campus. Maar het maakt ook niet uit. Als het van de uitgever is, dan dank ik er wel voor. Als het van Thomas is, dan dank ik er wel voor.
En waarom zeg ik dank je wel? Al bij voorbaat omdat het een heerlijk boek is. Het is een heel fijn boek om te lezen Voor mij, hè. Voor de huidigheid Zometeen gaat Tom zijn mening vertellen en kijken wat hij ervan vindt. De hoofdstukken zijn allemaal kort, een pagina of 10 en dan houdt het op. Sommige zijn maar één pagina, met wat schetsen wat prenten ertussenin.
En ze lezen echt heel fijn weg. Als je Dirk de Wachter kent, ik denk dat veel Nederlanders hem kennen, omdat hij in bekende programma’s in Nederlands als Buitenhof komt, ik zal wat linkjes naar YouTube video’s in de show notes opnemen. Ik heb bijvoorbeeld ook een gesprek gehad in VPO boeken over dit boek Wachter.
Ja, het is een bekende Belgen-Nederlands, een beetje dat idee is het, en hij heeft natuurlijk een hele mooie gebloemde taal op zijn Vlaams, ja, hij heeft toch autoriteit met zijn werk, met wat hij doet en dat schrijft hij heel fijn op. Dit boek gaat ook over zitten in verwerkt over zijn werk, je ziet een aantal dingen terug van zijn werk maar je ziet ook een aantal dingen terug van zijn Ziekte.
Hij kreeg kanker in 2021, dus dat was moment dat hij erachter kwam dat hij kanker had. En dat was niet een eenvoudig proces. Dat beschrijft hij ook hier samen met zijn vrouw. Dat is interessant om te zien hoe hij dat doet. Het enige lastige vond ik, misschien vond jij het iets anders, maar vond ik was dat sommige stukjes tekst in het Frans instonden.
Dat natuurlijk een Belg die ook in het Frans dan dingen… Voor hem is dat super eenvoudig waarschijnlijk. Maar dan zijn die stukjes Frans niet altijd vertaald. En ik heb dan geen idee wat er staat. En ik ga niet dan die zin helemaal overtypen in een van de vertaalprogramma’s om dat dan te achterhalen Dat doe ik dan ook weer niet.
Ik sla het dan maar gewoon over. Het zal wel denk ik dan. Dat is het enige het enige commentaar wat ik had op dit boek. Dus dat was mijn eerste indruk Of we hebben het vorige boek van hem, wat wij hebben gelezen, Borderline Times, hebben we ook besproken. En die link zal ik in de show notes ook opnemen.
Dus dat was mijn introductie in korte.
[00:02:42] Tom van der Lubbe: Ja, ik sluit me daar wel bij aan, Erno. We hebben natuurlijk al vaker hem genoemd. En ik ben natuurlijk een groot fan van Dirk de Wachter Maar ik ben in het algemeen een heel groot fan van de Belgen. Omdat, en dat zei je net ook al even, als je bijvoorbeeld naar hem zit te luisteren.
Als ik de Nederlanders en de Belgen vergelijk. Dan zijn de Belgen wat terughoudender. Het is allemaal wat… Ik zou niet eens kunnen zeggen langzamer maar het is wat bedachtzamer. Dus ik vind dat de Belgen veel meer nadenken voordat ze wat zeggen. En de Nederlanders zijn heel snel en soms wat minder reflectief Als ik bijvoorbeeld naar die praatprogramma’s zit te kijken waar bijvoorbeeld hij geïnterviewd wordt.
En toevallig noemde jij net die boekenbespreking van de VPRO. En toen heb ik tegelijkertijd ook een Belgische bezoeker …bespreking bekeken. En het interessante is bijvoorbeeld dat de Nederlanders… …die tutoieren hem. Maar in België wordt het natuurlijk… …gewoon nog gevoevoeieerd, geüut. En ik dacht van… …ja, dat brengt het op een of andere manier ook wel op een punt.
Het is allemaal wat beleefder. Het is allemaal wat rustiger. Het is allemaal wat bedachtzamer. Je zou kunnen zeggen misschien wat ouderwetser… Maar het past op een of andere manier wel. Het is allemaal wat minder gehaast en wat minder kort door de bocht en misschien ook wat bescheidener. Wat minder pushy zouden we misschien tegenwoordig zeggen.
Ik vind het een mooi boek en waarom is het zo’n mooi boek? Omdat het eigenlijk een beetje uit de tijd gevallen is. Het verbaast me overigens wel dat hij Hartmoed Rosa niet noemt met besloeningen, waar het ook heel erg met die snelheid van die tijd te maken heeft. En juist het is het tegenovergestelde rustiger aandoen langzamer, et cetera.
En wat ik aan het boek mooi vind, is dat je het in verschillende niveaus kunt lezen. Dus je kunt het of gewoon heel lekker weglezen, maar… Wat ik zo fantastisch vind en wat ik in het algemeen heel fijn vind bij dit soort boeken, is als er een filosofisch volgend niveau in zit. En daar zullen we in bespreking wel op terugkomen.
En dat doet hij heel sterk. Eigenlijk de hele tijd komt er filosofie bij. En dat doet hij nog steeds op een heel goed leesbare manier Dus het is niet zo dat hij dan heel erg wetenschappelijk wordt. Dat je denkt van, oh dat is wel heel erg wetenschappelijk. Dat leest niet maar lekker weg. Nee, hij weet op een of andere manier die filosofie leesbaar.
Te houden. Ik vind dat het heel prettig leest. En het is ook niet dik Het boek is 150 bladzijden dus het is echt een boek wat je eigenlijk in twee avonden op de sofa, op de bank kunt lezen, in plaats van dat je dat vervelende beeldscherm aandoet. Ik heb ervan genoten.
[00:05:31] Erno Hannink: Ik zie ook de relatie tot ons vorige boek Intiem Verzet.
[00:05:34] Tom van der Lubbe: Ja.
[00:05:35] Erno Hannink: Maar dan wel leesbaar, een beetje dat idee had ik ervan. Wat je zegt, net die filosofische teksten, niet ingewikkeld, het is gewoon allemaal echt gewoon een boek. En daar zie ik dan zo’n verschil tussen een intiem poëzet waarvan je denkt, het is geschreven voor intellectuelen voor een deel van de maatschappij, voor een deel van de mensheid.
Kan iedereen lezen. Dus het is voor een veel breder publiek toegankelijk. En dat is denk ik fijn van dit soort boeken. Dat je onderwerpen als dit gewoon toegankelijk maakt voor mensen die eigenlijk waarschijnlijk normaal niet zo bezig zijn met rustig aandoen. En er komt straks al een stukje terug over carrière en dat soort zaken.
Ik vind het echt helemaal opschreven. Oké er zitten vijftien hoofdstukken in. Je begrijpt die ga ik niet helemaal opnoemen, want dat is veel te veel werk. Oké In elk hoofdstuk zit het woord wachten. Het enige verschil is het hoofdstuk het museum van de wachter Dat is het enige waar het woord wachten niet naar voren komt of wacht.
Dus wat dat betreft heel mooi. Hij begint, en ook dit vind ik dus super mooi. Hij begint het eerste hoofdstuk over zijn vriend en mentor Sam IJsseling. Ik weet niet wie hij is. Waarschijnlijk zijn anderen het heel goed weten wie het is. Hij vertelt over hoe idee van dit boek ontstond in 2009. Een beschouwing over het wachten.
En ik denk dat… Dat is mooi, dat hij zoveel beschrijft in dit boek en gelijk ook in het eerste hoofd weer begint over relaties, over de relaties met anderen. In plaats van transactioneel werken, veel meer vanuit de relatie werken en ook gewoon in dit geval ook in dit voorbeeld, wat hij het eerste hoofd noemt, is dat het idee van het boek ontstond in 2009 en het is nu gepubliceerd.
Ook daardoor dus de tijd de ruimte geeft, het wachten op het… …juist moment van schrijven op de ruimte… …om te schrijven. Dus voor mij wat de eerste hoofdstuk zegt… …heel veel over hoe hij… …de dingen organiseert en hoe hij in het leven staat. Later in het boek kom je achter… …dat hij sinds zijn kinderen in het huis zijn…
…heel veel werkt en zo, maar dat… Ik vond dit echt heel mooi in het eerste hoofdstuk hoe hij die introductie maakt en waar hij die relaties langdurige relaties intense relaties met mensen laat zien. Hij noemt zijn bekende schrijvers waar hij van houdt met een quote op de achtergrond op de muur. Ik vond dat mooi.
[00:07:56] Tom van der Lubbe: Ja, wat misschien wel belangrijk is, juist in die inleiding waar hij dus over zijn mentor het heeft en daar gaat het over een bepaald gesprek wat hij voert en dan komt die mentor… Dan zegt hij van die Sam die mis ik en dan komt die Sam met een boek van Heidegger Dat is denk ik nog wel relevant en dan staat hier, hij komt aanzetten met een boekje van Martin Heidegger gesigneerd door de meester zelf bij een van de vele ontmoetingen Dus de man heeft dus gewoon Heidegger gekend, op zich al natuurlijk fascinerend.
En dan zegt hij, we lezen over das Wesen dieses Wartens jedoch ist die Gelassenheit zugegnet. Ja, gelassenheid is een kernwoord of een kernbegrip in dit boek. En dan zegt hij, citeert hij verder… Vragen kunnen hijs te warten, kunnen zogaar een leven lang. Dat is natuurlijk eigenlijk helemaal niet meer van deze tijd.
Want alles moet direct, alles moet instant bevredigd worden, zou ik maar zeggen. En dit is het volledig teven genoeg gesteld. En dat is eigenlijk natuurlijk zo interessant. Omdat we helemaal niet meer in die tijd leven waar we op iets en überhaupt kunnen wachten. Waar hier dan eigenlijk de start is van het boek Kunnen wachten zelfs een leven lang.
Dat is in principe waar het mee begint.
[00:09:10] Erno Hannink: Wat doen we? Kiezen we elke keer een hoofdstuk en dan gaan we dat…
[00:09:14] Tom van der Lubbe: Ja wat je wilt.
[00:09:15] Erno Hannink: Nou, laten we dat doen. Ik
[00:09:16] Tom van der Lubbe: vind dat ik in het begin, ik vind het eerste gedeelte van het boek zelfs interessanter en spannender dan het tweede gedeelte. Maar goed, ik weet niet of jij dat hebt ervaren.
En ik denk dat het kernhoofdstuk, voor mij is het kernhoofdstuk hoofdstuk vijf.
[00:09:31] Erno Hannink: Maar begin daar eens mee.
[00:09:33] Tom van der Lubbe: Wachten zonder verwachting Ja, ik denk centraal in het boek is eigenlijk Heidegger. Dus enerzijds leest hij het allemaal hartstikke lekker weg. Heidegger, ondanks zijn zeer dubieuze, ik zou maar zeggen, rol in de jaren dertig en zijn nazi-verleden et cetera.
Is hij, ik denk, waarschijnlijk ook sterker dan in het verleden. Zie je dat Heidegger helemaal terug is overal. We komen toch wel heel veel tegen weer, hij is toch wel de centrale filosoof denk ik in dit boek, tegelijkertijd met Levinas, eigenlijk is Dirk de Wachter Levinas scholier zou ik maar zeggen. En waar we het ook al vaker over hebben gehad.
En dit hoofdstuk hoofdstuk 5, dat is denk ik een beetje het kernhoofdstuk. Wachten zonder verwachting. En hij legt eigenlijk uit, misschien dat hij dat wel in een ander, het kan zijn wel dat hij dat aan het begin doet. Hij zegt deze verschil tussen wachten met een bepaalde verwachting. Ik weet niet in welk hoofdstuk dat is.
Hij gaat bijvoorbeeld wachten op de bus en hij zegt er zijn eigenlijk twee mensen, de wachtende en de wachter. Misschien wel relevant om het even uit te leggen Ene type wacht omdat er iets moet komen. Dus die bus die komt. En dan zegt hij bij de andere persoon. Die zit in de bus en is eigenlijk nog steeds in die wachtende modus.
En ik vind dat dat eigenlijk. Dat is plaatserde 51. En ik weet niet zo heel goed hoe we dat moeten vertalen in het Nederlands. Gelassenheid.
[00:11:03] Erno Hannink: Dus
[00:11:04] Tom van der Lubbe: dat heeft iets berustends. Een soort acceptatie van iets. Een bepaalde innerlijke rust. Maar gelatenheid vind
[00:11:14] Erno Hannink: je dan niet een goede vertaling?
[00:11:15] Tom van der Lubbe: Ja, gelatenheid is misschien best wel goed.
Gelatenheid is natuurlijk ook een beetje een ouderwetse woord. Dat hoor je ook niet zoveel meer in het Nederlands. Ik denk inderdaad dat je gelijk hebt. En dat is dat wachten zonder verwachting. En het heeft iets berustends, iets rustigs. Iets tegenovergesteld of van gehaast. Misschien zou je tegenwoordig ook zeggen van het niks moet.
Het straalt een grote rust uit… En dan ja, dus als je filosofisch daar diep in wil, dat hebben we denk ik in een andere boekbespreking ook gedaan bij Heidegger, Zum tode leben, ja dat wordt nu wel heel filosofisch. Enkel omdat we sterven heeft het leven zin op zich ook wel weer interessant om daar eens over na te denken, omdat we natuurlijk heel veel over longevity en het leven willen verlengen ten koste van alles en allerlei pillen nemen en weet ik veel wat allemaal.
En dit is eigenlijk… Eigenlijk is hier natuurlijk de gedachte, het leven heeft helemaal geen zin als we niet zouden sterven. Wat natuurlijk een hele interessante filosofische gedachte is. Het zijn zoemtoden als centraal idee. En daar schrijft Dirk de Wachter, ik citeer nu, ik zie er vooral in dat binnen dat concept zoemtoden leven, het van het allergrootste belang is dat we van betekenis zijn.
En dat is die binding weer die hij met Levinas heeft. Dat je in het gelaat van de ander je eigen existentie eigenlijk defineert Het voor de ander er zijn, het ertoe doen. Zegt hij je ook, het draait essentieel over de zin van het bestaan. En dat is toch iets complexer dan het louter doen. En dan komen we terug bij Heidegger die het eerder aangehaalde begrip gelassenheid lanceerde.
Wat ben ik aan het doen? Wat is mijn grondige doen? Veel te vaak doen we zonder nadenken. En dat is misschien ook weer de brug naar nette inleiding, dat je het idee hebt, als directe wachter ook, zit te praten, een zin is niet ongereflecteerd. Elke zin die hij zegt is overnagedacht en niet in de zin van dat het heel erg academisch overnagedacht is, in de zin van dat het gekunsteld werkt of gek werkt, maar het is een hele bedachtzame manier van spreken, van leven, van reflecteren.
En hij zegt hier, bladzijde 50, ik ben ervan overtuigd dat we dat kunnen vermijden door goed en rustig en bedachtzaam na te denken over wat we doen en waarom. En ik denk dat hier komt de kernzin, denk ik wel. Misschien moeten we minder doen en beter nadenken over wat, waarom en wanneer. En ik denk ook dat hij daarom ook wel zo, hij is natuurlijk een absolute bestseller En eigenlijk is het een star psychiaat of een star psycholoog of filosoof.
Hij zit natuurlijk toch veel in Nederland of buitenhof of andere dingen. Hij is natuurlijk heel bekend. En ik denk dat de mensen op een of andere manier ook wel daarna verlangen… naar die rust en die bedachtzaamheid en wat minder snel… en wat meer denken voordat we dingen doen. Dat legt hij dus hieruit.
En verwijst overigens dan nog, vond ik ook wel mooi, bladzitter 51… Maakt hij de brug weer naar Lévinas, en wat ik interessant vond was dat het dan over beleefdheid gaat. En dan zegt hij, ik haal het er even uit, hij noemt dat dan, dan gaat het over een essay, la politesse dus de beleefdheid. Apres-vous, het apres-vous van Lévinas eigenlijk ook iets heel ouderwets Dat je dan misschien de deur voor iemand openhoudt of in de tram of bus voor een oudere persoon opstaat et cetera.
En hij zegt, dat is in het onderlinge samenleven met elkaar, speelt het een hele belangrijke rol. En verwerst hij naar Henry Bergson, een filosoof die vroeger veel bekender en beroemder was dan dat hij nu is. Overigens won Bergson in de 27e Nobelprijs voor de literatuur. Daar hoor je eigenlijk zelden meer iets over.
[00:15:22] Erno Hannink: Ja,
[00:15:22] Tom van der Lubbe: ik
[00:15:23] Erno Hannink: vond dat bijzonder, want de wachter zegt dat hij de beroemdste filosoof van de wereld is. En ik dacht mezelf, waarom ken ik die man niet? Maar goed, ik ben niet heel erg thuis en ik ken alleen de filosofen die wij de laatste tijd hebben gelezen. Maar ik heb opgeschreven De Tijd en Vrije Wil. Dat boek zou ik dan nog wel eens op ons lijstje zetten.
Ik ben wel benieuwd naar wat hij dan schrijft.
[00:15:44] Tom van der Lubbe: Op zich ook wel interessant, omdat ook die beleefdheid ook weer een soort tegenstelling is met het sterke individualisme of het egoïsme. Ikke ikke ikke en de rest kan stikken, zou je in het Nederlands zeggen. En dit is eigenlijk, hij koppelt dan met wachten.
Hij zegt dan op bladzijde 54, zegt hij… Maar wie iemand laat voorgaan ervaart de deugd van het wachten die voortkomt uit die beleefdheid. Dat is een hele mooie manier. En het is natuurlijk ook wel interessant om daar… Weer eens wat sterker op te letten. Het is dus echt interessant als je in de tram of in de bus staat en je neemt je voor daar duidelijk beleefder te zijn dan dat je normaal gesproken bent, omdat je op je telefoon is zitten lezen of zelf in gedachten bent of zelf het idee hebt dat jij heel erg die zitplaats verdiend hebt et cetera en je merkt hoe mensen daarop reageren.
Dat mensen echt verrast zijn dat jij dan voor iemand opstaat. En zegt ga er maar zitten. En dat heeft ook natuurlijk met Levinas te maken. Met die beleefdheid en die wederzijdse sympathie Je zou ook kunnen zeggen, we zouden met z’n allen die wereld met wat meer beleefdheid veel mooier kunnen maken.
Omdat je eigenlijk al, als je op weg bent naar het werk of wat dan ook, je merkt hoeveel waardering je dan eigenlijk terugkrijgt van oudere mensen bijvoorbeeld. Die dan denken, fijn dat ik even kan zitten, want ik vind het best wel lastig om hier in bus te staan. En oudere mensen durven eigenlijk nauwelijks nog te vragen aan jongeren, of zou je even voor me kunnen opstaan, want ik ben niet zo goed uit been, et cetera.
Ik zie oudere mensen dat niet zoveel doen. En eigenlijk gaat het ook om menselijkheid steeds. En hij zegt hier, dieper menselijk gaat niet over die tijd, het gaat over een houding, een terughoudendheid, een bescheidenheid, een nederigheid, het jezelf niet vooropstellen, niet het idee hebben dat je zelf belangrijker bent dan de anderen.
Nee, doe maar eerst het kan geen kwaad. Het is met andere woorden levenshouding. Dat is dan wel heel mooi geformuleerd.
[00:17:45] Erno Hannink: Ik dacht al een opvallend stukje wat hij zegt over dat geland zijn en Levinas. Levinas wachtte heel lang op erkenning Omdat hij nooit op de buikkade sprong. Dus wachten is belangrijk, maar hij zegt in een ander hoofdstuk, maar wacht niet te lang.
Dus als je herkenning zoekt zul je ook wel wat meer naar voren moeten springen, want anders krijg je herkenning als je er niet meer bent. Zoals een aantal andere filosofen die je net hebt genoemd. Ik vond ook dat laatste stukje, ook van Lévinas, het zijn bestaat niet uit rusten in zichzelf, maar uit zichzelf Omdoen van zichzelf.
Iets zijn betekent toegewijd zijn aan de ander. Zonder de ander was ik geen mens. Je hebt veel van de dingen die ik voor mezelf opschreef van dit hoofdstuk heb jij allemaal genoemd, maar ik vond dit echt super mooi. En wat ik ook heel bijzonder vond is de opening van dit hoofdstuk. Hij schrijft dat hij veel boeken leest en dat hij dat heel erg leuk vond om heel veel boeken te lezen, maar in tijd dat hij heel ziek was, had hij geen zin om te lezen.
Dus wat deed zijn zoon toen, dat beschrijft hij, die kocht een boek, een geschiedenisboek, en dat ging over de relatie tussen de vader en de zoon. En zij lazen dus allebei hetzelfde hoofdstuk net als wij nu eigenlijk het boek bespreken en dan gingen ze met elkaar in gesprek over het hoofdstuk en daardoor kreeg hij weer zin in het lezen ook hierin zie je weer hoe belangrijk die relatie is in dit geval met zijn zoon maar ook in het mens zijn dus ik vond die opening van het hoofdstuk echt super mooi
[00:19:15] Tom van der Lubbe: wat je net hebt geciteerd op de bladzijde 50 dan gaat hij verder, misschien nog wel interessant het verschil tussen Heidegger en Levinas En ik citeer bij Heidegger is het, ik ben met de anderen, Levinas draait het om.
De ander maakt mijn ik, zegt hij. Zonder de ander was ik er niet. Zonder de ander was ik geen mens. Het draait om een fundamentele bescheidenheid, welbewust en noodslachtofferig. Nou is het natuurlijk wel belangrijk, Levinas in de Holocaust, dat er een hele belangrijke rol natuurlijk speelt. Wat we ook bij…
Victor Franco et cetera zien, heel erg sterk vanuit die ervaring, die bescheidenheid dat dienende, wat natuurlijk in de huidige wereld, het is zo ver verwijderd van ons op dit moment. En daarom doet het denk ik ook zo goed om dit boek te lezen.
[00:20:07] Erno Hannink: Ik wil even terug naar het hoofdstuk drie is volgens mij Wacht bij de bakker.
Wat ik daar mooi aan vond opnieuw de relaties wat hij beschrijft, maar ook soms hoe relaties op een hele bijzondere manier ontstaan. Hij schrijft over dat hij, en dat was in de tijd van corona, dat hij in de rij staat voor de bakker. Dus dan sta je buiten in de rij voor de bakker, op afstand van elkaar, met een mondmasker voor.
Dus je kunt heel weinig zien van iemands mimiek, alleen de ogen zie je. En hij staat een boek te lezen in de rij. Dat alleen al is bijzonder, dat je wacht en invult niet met je telefoon maar dat je een boek bij je hebt om te lezen, ik vind dat dus mooi. En hij ziet in de rij iemand anders nog lezen en hij ontdekt dat dat Bernard de Wolf is, ook een schrijver.
En die ziet hem en die herkent hem en die weet dat hij dat bericht heeft gehad van kanker En hij zegt zoiets van het gaat je goed, ik wens je een goede gezondheid, goed aansterken. En twee weken later is diezelfde Bernard overleden. En wat later geeft hij dus een lezing over zijn boek en in de zaal blijkt de vrouw Van die bernate zitten en die geeft hem een boek met daarin een passage waarvan hij zegt dit boek heeft hij voor jou geschreven kijk hier ik vond dat zo bijzonder hoe dus soms relaties ontstaan zonder dat je er bewust mee bezig bent soms zelfs in de rij als je aan wachten bent en bijvoorbeeld hij heeft het dan over het werk van levinas ook weer uiteraard in het hoofdstuk En wachten op het resultaat zoals de eerste appels van je eigen appelboom.
Het is niet dat je een appel koopt bij de groenteboer maar dat je een boom plant en eigenlijk wacht op die eerste appel. En dat is een wachten van jaren dus, dat is niet een wachten van een paar minuten als je de sneldienst bestelt om jouw boodschap te laten bezorgen. Dus ik vond dat heel erg mooi. In de coronatijd hebben we geleerd om te wachten en verbinding te maken.
Ik vind het mooi. En tegelijkertijd denk ik. En we hebben het dus weer heel snel weer verleerd Als ik naar vandaag kijk.
[00:22:23] Tom van der Lubbe: Ik heb overigens die passage gevonden. Precies in het hoofdstuk waar jij nu bent. Bladstede 35. En daar citeert hij dus uit dat boek wat jij net noemde. En dat wil ik wel even voorlezen.
Omdat ik vind het verhelderend. Hij maakt een onderscheid tussen wachtenden en wachters. De eerste zijn actief, de andere zijn passief. Hun verlangens verschillen wezenlijk van elkaar. De wachtenden kijken uit naar het komende, de wachters sturen naar het nooit komende. De wachtenden… Op de bus bijvoorbeeld, zo zegt de filosoof, menen te weten waarop zij wachten, de bus.
De wachters daarentegen weten niet waarop zij wachten. Anders gezegd in werkelijkheid wachten zij alleen maar op het onverwachte dat zich op elk moment kan voordoen. Gelijk weten ze, het zal nooit gebeuren. Ik ben een wachter De wachtende die niet weet waarop hij wacht. De wachtende vindt tijd van het wachten, onder meer in het bushokje, verlies van tijd.
Hij wil vooruit. De wachter daarentegen is daar niet mee bezig. Hij kan allang in de bus zitten en nog altijd wachten op de bus. Dat vind ik fantastisch. Er is een wachten dat nergens op wacht, niet specifiek verwacht en dan toch wacht. Het is natuurlijk ook taalkunst. Ik vraag me ook af hoe je zoiets moet vertalen in een andere taal.
Ja, dat is toch wel, ik vind het erg vitueus. Maar misschien is het ook, ik zat ook na te denken van ja, ben ik misschien daar ook niet helemaal objectief Omdat, misschien wel belangrijk, alles wat daar genoemd wordt. Het flaneren in Parijs heel veel Leonard Cohen is mijn lievelingsmusicus zou ik maar zeggen, qua teksten enzo.
Het zijn allemaal dingen waarvan ik denk van ja, dat zijn allemaal dingen die ik ook uitermate waardeer. En waar soms mensen een beetje gek naar kijken. Dus misschien ben ik ook niet helemaal objectief. Maar het heeft een schoonheid en een rust en een reflectie die ik toch echt wel uitzonderlijk vind.
[00:24:19] Erno Hannink: Ik ben misschien dan ietsje afstandelijk op dat niveau op dit moment dan jou. En nog steeds vind ik het heel mooi. Voor mij de relaties komen thuis weer terug. Want ook wat hij schrijft over Parijs en wanneer Hij bezoekt dus heel graag Kerkhoven. En gaat in gesprek met de doden. En dat klinkt heel apart, maar ook daar weer gaat het dus over de relaties.
Niet zozeer over de directe relatie die je ervaart maar ook de relatie met mensen uit de geschiedenis Door gewoon met ze in gesprek te gaan en te kijken wat hoor ik nu? Wat krijg ik tot me op dat moment? Ik vind dat supermooi En dat komt ook bij, even kijken, het hoofdstuk over dichter bij het wachten De hoofdstuk 7, waarbij hij begint op Bas in 1985 hoe hij het netwerk met waardevolle mensen uitbouwt Hoe hij dat opschrijft niet door te zoeken maar door te wachten en te vinden.
Jij ziet heel erg die gelassenheid hierin. Ik zie heel erg relaties hier in dit boek. Relaties met anderen, relaties opbouwen, relaties tot je laten komen, relaties door gewoon oogcontact te maken met een in de rij wachter bijvoorbeeld. Ik denk dat dat… Wat heel mooi is, het leven, het is op pagina 1 en 9, het leven verstrijdt, verdwijnt even snel als het wordt gebruikt, lang duurt het alleen voor wie in staat is tot zwerven, luieren.
Aan de vooravond van zijn dood beseft de man van de daad en de arbeid te laat dat het leven van nature lang duurt, een duur die ook hem ten deel had kunnen vallen, als hij zich maar niet constant tegenaan had bemoeid. Ik vind het zo schitterend en dit hoofdstuk gaat met name ook over dat je tegenaan moet dat je het leger wilt vormgeven, dat je het wilt organiseren en hij beschrijft kunstenaars zoals een schilder of een dichter.
Die een schilder noemt als voorbeeld waar hij zegt, schilder dat is wachten. Het echte werk is wachten. De kunstenaar wacht tot het werk tot zich komt. En dat doet dus de dichter en de schilder. En ook heel bijzonder vond ik het dagboek van een dichter Dus een levensboek waar dus, ik weet niet meer wie het was, heb ik vergeten op te schrijven, een levensboek wat 40 jaar lang elke dag één zin, één regel is toegevoegd.
Wat een geduld dat je dat opbrengt, maar ook een consistentie dat je elke dag één regel toevoegt en zo mee een levensboek hebt gemaakt in een dichtvorm.
[00:26:58] Tom van der Lubbe: Wat ik interessant vind aan dat citaat wat jij net, dat is uit een boek Ik ken de groene man niet. Een boekje waaruit het komt heet Hoekpeilers. De schrijver heet Henri Michaud, of ik denk dat je het zo uitspreekt.
Wat ik zo fascinerend vind, en dat zien we natuurlijk ook bij Byun Chul Han, maar ook bij andere, Hartmoed Rosa, et cetera, dat het idee is dat de mensen die heel erg bang zijn en heel erg dat bucketlist-achtige hebben, dus heel erg veel moeten doen, dat is wat hier als de man van de daad en van de arbeid gedefineerd wordt, maar zijn mensen die heel veel moeten doen, heel veel in hun dag moeten proppen, en in hun vrije tijd ook heel veel moeten doen, et cetera.
Daardoor gaat de tijd eigenlijk veel sneller en het is eigenlijk, het is een beetje counterintuitive. Dus hoe minder je doet, hoe langzamer de tijd verstrijkt zou ik even een beetje plat willen zeggen. En Byung-Chul Han, dat is de filosoof die elke dag een beetje piano speelt, ook een paar regels schrijft en in de tuin werkt.
Dat is een enorme rust en heel veel dus nietmoed Dat zie je dus bij directeur Wachter ook. Ik weet niet in welk hoofdstuk dat is. Ik geloof helemaal aan het einde. Dus hij heeft dus blijkbaar ook een pied-à-terre in Parijs Een woning in Parijs Groot Parijs-fan. En dan zegt hij, ik wil eigenlijk het wandelen.
Het idee van de flaneur. Wat ook Nassim Taleb ook heeft. Dus die heeft het ook over het flaneren. Het doelloos dwalen door de stad. En directeur Wachter zegt, ik wil eigenlijk… Dat ik eigenlijk wel elke straat van Parijs daar wil ik doorheen gewandeld zijn. Dus wat je bij Dirk de Wachter niet hebt is, dat hij, ik noem maar wat, in Amerika wil bungee jumpen En dat hij nog naar Australië moet of weet ik veel wat allemaal.
Nee, dat eigenlijk toch dicht bij huis zoeken. Parijs is een stad waar hij ook leeft en ook woont. Dat vind ik uitermate interessant. Dat te zien, dat zie je toch wel bij veel mensen. Ik las kort geleden ook dat Adriaan van Dis ook in Parijs is, of Bas Heijnen ook in Parijs is. Er toch wel veel mensen die dan in die grote stad, eigenlijk als flaneur, door die stad dwalen en elke keer weer iets nieuws ontdekken.
In een stad waar ze al heel lang zijn. Ik vind het wel mooi als tegenbeeld van het idee dat je elke keer in een vliegtuig moet stappen om juist heel erg ver weg te gaan om iets te ontdekken.
[00:29:19] Erno Hannink: Oké, welk hoofdstuk wil je nog bespreken?
[00:29:22] Tom van der Lubbe: Maakt me niet zoveel uit. Ik zie dat ik bijvoorbeeld bij Wacht maar… Ik weet niet precies wat ik daarop heb opgeschreven.
Wacht maar, niet alles moet nu. Ik heb aangekruisd dat ik plaats in de 99 iets interessant vond. Oh ja, dat vond ik dan wel interessant. Hij heeft natuurlijk het Borderline Times. Daardoor is hij bekend geworden. En hij zegt bijvoorbeeld ook in een interview of in het boek stond… Oh nee, hij schrijft in het boek dat hij het opgeschreven heeft Hij zegt…
Dat idee van snel carrière maken en snel alles willen bereiken, daar komt hij met het tegenovergestelde Hij zegt er is die ijdelheid, er is die verleiding van de financiële verlokkingen er is zelfs gemediatiseerde verlokking, dus dat uitgenodigd worden op tv, toegegeven Daar heb ik misschien niet helemaal aan weerstaan Hij heeft natuurlijk toch een bepaalde ijdelheid.
Maar hij heeft het op zo’n sympathieke manier dat je het onmiddellijk vergeeft. Maar ze kwam gelukkig wel pas na mijn vijftigde. Toen Borderline Times verschenen was. Daar heb ik geen spijt van. Het is goed geweest. Ik kan ervan genieten. En het heeft me veel gebracht. Maar als dat op een jongere leeftijd was gebeurd Was dat veel minder gemakkelijk te hanteren geweest.
Dat is natuurlijk wel iets wat je herkent als je ouder wordt. Dat je… Denk ik toch wel wat meer reflectie hebt. En dan zegt hij, het is wel goed als bepaalde dingen op een bepaald tijdstip er zijn. En hij zegt hier, carrières worden zo opgefokt. Als je journalist bent, moet je voor je dertigste hoofdredacteur zijn.
Anders komt het niet meer. Dan schrijft hij, geloof me, tegen je veertigste… Is zo je kaars uit. En dat is natuurlijk wat je heel veel ziet. Dat idee dat alles maar heel snel moet. En alles tegelijkertijd al bereikt moet worden. Neemt natuurlijk ten eerste heel veel bevrediging op een veel later tijdstip.
En dat heb je in carrières Maar dat viel mij ook op. Ik had het gisteren over reizen met kinderen. En toen zei mijn vrouw. Laat kinderen ook zelf maar de wereld ontdekken. Dus er zijn natuurlijk heel veel mensen die het idee hebben dat ze met hun kinderen overal naartoe moeten. En dan gaan ze naar Amerika en dan gaan ze camper huren en ze gaan naar Azië en zo.
En ze zijn mevrouw maar die kinderen moeten ook, je moet ze ook zelf de mogelijkheid geven om die wereld te ontdekken. En ik vind dat dat hier ook een beetje in zit in dat te wachten. Dat dat natuurlijk heel positief is. Dat niet alles… Ik bedoel, als je op je twintigste alles al gezien hebt, want je bent met je ouders al in New York geweest en in Shanghai en weet ik veel wat dan, je hebt een safari, de hele wereld heb je al gezien Wat moet zo’n kind of wat moet zo’n volwassene dan nog doen?
En dat vind ik op zich ook wel een belangrijk carrièreadvies maar dat is misschien ook in het kader van ondernemerschap Dat idee van ik moet een bedrijf oprichten, na vijf jaar moet het weer verkocht zijn, dan ben ik financieel onafhankelijk, et cetera. Ik denk dat dat niet de kern is van een bevredigend leven als ondernemer.
Waarom zou je niet, zijn we ook weer bij Hidden Champions en stap voor stap dingen doen. Waarom zou je een ondernemersleven niet veel meer kunnen definiëren als ik ben 25 jaar ondernemer En ik ga gewoon eens kijken wat ga ik in die 25 jaar allemaal doen Ik ben nu 15 jaar ondernemer. Of in ieder geval met visie ben ik nu 15 jaar ondernemer.
Ik vind het hartstikke fijn. Grote rust. Veel mensen die er al lang zijn. Je kunt in alle rust nadenken over de volgende stap. En je kunt tegen elkaar zeggen. Weet je wat We doen het in ieder geval nog 10 of 15 jaar. Maar niet dat gehaaste… Pitchen, veel private equity daarin stoppen en dan alle extra tabels met de hockeystick et cetera.
Ik denk dat ook daar een soort reflectie is van als ik me als ondernemer defineer en het heel fijn vind om mijn eigen ding te doen, toch vanuit de vrijheid te definiëren. Waarom zou je niet gewoon je pad uitstippelen wat 25 of 30 jaar duurt in plaats van 5 jaar?
[00:33:24] Erno Hannink: In relatie tot wat je hier zegt zijn twee hoofdstukken die vind ik echt mooi op Wacht op de liefde, want het gaat onder andere over de rol van volwassenen in de ratio tot hun kinderen.
Als afsluiting de laatste linia van het hoofdstuk Wacht op de liefde schrijft hij, als ouder niet te veel je eigen verwachtingen op je kinderen afwendelen. Het kind moet eigen dromen kunnen creëren, liefst met gelassenheid. Dat is dat natuurlijk een beetje. Dus als je, wat je net beschrijft, je kinderen meeneemt op al die reizen, dan zet je toch eigenlijk je eigen verwachtingen op die kinderen.
…neer te leggen. Dat ze de kinderen veel moeten hebben gezien. Dat is jouw verwachting. Niet de verwachting van het kind. Dat de verwachting die je bij het kind op dat moment neerlegt. Dus ik vind het heel mooi. Dat gesprek wat je met je vrouw had hierover.
[00:34:12] Tom van der Lubbe: Misschien nog even op bladzijde 109. Hij verwijst.
Ik denk dat veel mensen dat kennen. Naar Khalil Gibran. Dat zou op zich ook wel interessant zijn. Dat is te lezen Uw kinderen zijn uw kinderen niet. En hij heeft een heel dun boekje geschreven. Waar heel veel van dat soort levenslesje in staat. Alleen wat ik interessant vond op wachten op de liefde is…
Zijn vrouw komt heel vaak terug in het boek. Dat is misschien wel interessant omdat dat ook een beetje… Soms klinkt een beetje ouderwets. Maar anderzijds heeft het ook wel weer iets ontroerends en iets om een beetje jaloers op te zijn. Dus hij zegt dus toen hij zijn vrouw leerde of te zijn… Toen was dat nog niet zijn vrouw Maar toen hij werd verliefd en dan zegt hij van ja, ik heb heel lang op een vrouw gewacht.
Later wachtte ik op mijn vrouw die vandaag nog altijd mijn grote liefde is. Dus heel mooi als je dat kunt zeggen. Toen ik haar leerde kennen en verliefd werd op haar, was ze helaas niet vrij. Ik ben geen duel aangegaan. Die tijden waren zelfs toen ik nog jong was al lang voorbij. Nu komt het, ik heb op haar gewacht.
Dat was frustrerend en lastig maar ik bleef wachten. Ongetwijfeld tegen Heideggers motto in, in mijn verliefdheid en in mijn wachten zat natuurlijk verwachting. Ik moet het niet ontkennen, maar het was het ongelooflijk waard. Ik vind het uitermate mooi, ik vind het bijvoorbeeld, ik vind het heel onroerend ook als ik mensen bijvoorbeeld zie wandelen of in de trein zie zitten en die zijn tachtig en die houden elkaars hand vast.
Dan denk ik… Hoe mooi is dat als je op die leeftijd, en ik ga dan niet mensen vragen van hoe lang bent u al samen, maar ik denk dan ja die mensen zijn gewoon na vijftig jaar, zijn die nog steeds verliefd En dat is een beetje wat hij hier ook heel erg steeds, wat je direct leest, maar ook elke keer weer tussen de regels leeft, dat ook dat berustende ook met zijn ziekte, en zijn vrouw die dan zegt van, hé, die uitslagen wachten, laten we nog even een wandelingetje maken, et cetera.
Dus er straalt een heel grote gelassenheid, een hele grote rust vanaf en berusten in je lot ook, maar op een positieve hoopvolle manier Het heeft iets onderhorend zou ik maar zeggen.
[00:36:19] Erno Hannink: En in het hoofdstuk wat je net al aanhaalde over dat, wacht maar, niet alles moet nu. Dat gaat dus veel over de carrière, wat je net al beschreef.
En wat mij betreft wil ik naar die afronding toe gaan, naar het laatste hoofdstuk. Wachten op wat nog komen gaat. Schrijft hij over dat hij dus in 2026, dus dit jaar, met imiraat gaat, dus met pensioen gaat. En dan is hij dus 66. En toen had hij, op pagina 149 staat dat, heeft hij daar een systeem die hij van een collega heeft geleend, laat ik even zo zeggen, die met inberaad ging.
Een systeem van werken wat hij gaat overnemen. Vanaf 10 oktober 2026 zal ik drie weken per maand werken. De vierde week niet. Binnen die drie weken ga ik drie dagen aan de slag Dinsdag, woensdag en donderdag. Dat geeft me lange weekends. Eén van die drie dagen zal ik in het… En dan vertelt hij wat hij dan gaat doen in die dagen.
Dan houdt hij dus veel ruimte over. Om te leven, om met zijn vrouw te zijn, om in Parijs te zijn, om die wandeling te maken, die straat te bewandelen, te flaneren. En hij zegt, dit doe ik tot ik 94 ben. Maar als mijn vrouw me op mijn 88 zo zegt dat het beter is om te stoppen dan zal ik dat doen. Ook daar weer die liefde.
Ook dat vond ik weer een hele mooie afsluiting om te kijken hoe je bewust niet stopt met je werk, maar wel bewust blijft Anders gaat werken op een bepaald moment. Voor mij een fantastische afsluiting voor het boek. En ook voor hoe je als ondernemer hiermee om kunt gaan. Het is niet stort van het ene bedrijf en het andere bedrijf Als een serieondernemer weer een volgende ding gaat doen.
Maar veel bewuster gaat leven en gaat genieten van de dingen die op dat moment op je pad komen.
[00:38:07] Tom van der Lubbe: Wat we misschien wel nog moeten doen, is denk ik, want dat zijn we de schrijfster verschuldigd die we nog niet hebben genoemd is Vazalis,
[00:38:13] Erno Hannink: de
[00:38:14] Tom van der Lubbe: dichteres. En dat gedicht heeft hij namelijk twee keer in het boek Daar eindigde hij het boek ook mee.
Misschien is dat een aardige afsluiting. Fasalis leest tegenwoordig helemaal geen gedichten meer. Of tenminste weinig mensen leest nog gedichten. Toen dacht ik ook, eigenlijk zouden we gedichten moeten herontdekken. Het is soms wat minder concreet. Je moet veel meer invulling aangeven Daarom wil ik eigenlijk met het gedicht eindigen waar hij ook het boek mee eindigt.
Hij schrijft namelijk, dit boek heeft wel een eindpunt Vroeger citeerde ik Epp, het gedicht van Vassalus. Hij heeft het over zijn emeritaatsviering, waar hij dat ook weer zal doen. En dan zegt hij van oké goed, ik ga nu toch afsluiten, hier komt het nog één keer terug. Dat gedicht van Vazalis. En dat gedicht gaat als volgt.
Ik trek mij terug en wacht. Dit is de tijd die niet verloren gaat. Iedere minuut zet zich in toekomst om. Ik ben een oceaan van wachten. Waterdun omhuld door het ogenblik. Zuigende eb van het gemoed. Dat de minuut het trekt. En dat de vloed diep in zijn duisternis bereidt. Er is geen tijd. Of is er niets dan tijd?
Nou, dat is toch een mooie… Literaire afsluiting van zoiets als een ondernemersboekenpodcast.
[00:39:31] Erno Hannink: Dit is echt… Ik denk, dit soort boeken is gewoon een genot waarom we deze boekenpodcast hebben. Ten eerste ook weer nu. Want je zegt je kan hem in twee avonden uitlezen, maar voor mij is het veel meer, ik gebruik het veel vaker om gewoon hoofdstuk voor hoofdstuk te lezen en dat dan te laten rusten.
En dus ik gebruik de twee weken tussen ons gesprek vaak om één zo’n boek gewoon elke ochtend een deel ervan te lezen, één of twee hoofdstukken Ik vind het dan fijner om dan drie boeken tegelijk te lezen, maar dan telkens delen van het hoofdstuk te lezen en in plaats van één boek achter elkaar door te lezen.
Maar jij hebt het een andere manier dan ik, is er maar niet uit. Voor mij is dat dus die prachtige woorden die hij beschrijft de mooiheid van de taal die ik niet eerder heb ontdekt op deze manier. Dat maakt voor mij de podcast nu zo waardevol hierdoor. En dan ook nog daar dus… …vanuit een relationeel aspect…
…dat wij met z’n tweeën hierover… …allereerste tijd van hem om dat boek te lezen… …en dan tweede dan… …om dat dan met elkaar door te nemen… …wat heb jij gevonden, wat heb ik gevonden… …en vandaag was er heel veel overeenkomst… …ik veel dingen opgeschreven die jij had genoemd… …ik denk ook dat dat makkelijk is… …in een boek als deze…
…waar echt hele mooie elementen in zitten… …dus laat dit… …van mij uit, zeg maar niet van jou toe… …als luisteraar… …een soort aanbeveling zijn… Om dit boek te kopen en te lezen of te lenen in bibliotheek of wat dan ook. Of te luisteren naar een audioversie ik geen idee. Het is echt een heerlijk boek. Dus dat is mijn afluiting.
[00:41:12] Tom van der Lubbe: Ik geef jou ook wel terug als feedback dat ik dat wel bewonder. Dat jij daar veel meer rust voor neemt. Ik ben dus echt iemand die, ik lees één boek en dan probeer ik dat boek uit te lezen. En dan lees ik het volgende boek. En ik merk dat me dat een beetje stress als ik hele verschillende boeken parallel lees.
Alleen het is inderdaad een boek, het zijn vijftien hoofdstukken Eigenlijk ik heb toch gezegd je kunt het in twee dagen of in twee avonden even uitlezen, want zo lees ik. Alleen ik denk dat je het boek meer recht doet als je inderdaad wat op je nachtkastje legt en gewoon eens een hoofdstukje leest. En dan kom ik toch wel bij gedichten Vroeger had je natuurlijk een gedichtenbundel op je nachtkastje liggen.
En dan las je af en toe een gedicht. Bijvoorbeeld, dat is de vorige generatie zou ik maar zeggen. En dat is een beetje verdwenen. En dan zit ik aan jou te luisteren en denk ik, ja, eigenlijk heb je wel gelijk. Eigenlijk moet je dat boek dus helemaal niet in twee avonden lezen. Nee, eigenlijk moet je dat boek eigenlijk lezen als een soort gedichtenbundel.
Ik denk ook dat het geen toeval is dat hij vaak ook gedichten opneemt of daaruit citeert. Omdat dat… …eigenlijk ook het doel is… …het moet langzamer. Dus ik lees een boek wat over wachten gaat… …lees ik in twee avonden. Dat is eigenlijk natuurlijk niet de bedoeling. Dus eigenlijk is de bedoeling… …dat zou je misschien in inleiding ook best kunnen zeggen…
…eigenlijk is het doel… Dat boek heel langzaam te lezen. Misschien zeg ik niet dat je vijftien avonden achter elkaar moet lezen. Maar dat je gewoon zegt van nou zo’n hoofdstukje heeft altijd maar een paar bladzijden. En eigenlijk moet dat ook indalen. Dat moet zich zetten. En als je dan meteen weer doorgaat zoals ik.
Dan doe je eigenlijk dat boek een beetje te kort. Zou ik willen aanvullen.
[00:42:47] Erno Hannink: Ons volgende boek wat we bespreken heet Filosofie van de kroeg door Hans Schnitzler. Het boek hebben we in onze vorige podcast al een paar keer genoemd En eigenlijk gaat het ook over wachten, het gaat over de tussentijd tussen de maatschappij en de publieke ruimte moet ik zeggen en de thuisruimte om daar een plek voor te vinden waar je mensen ontmoet relaties, maar ook wacht.
Dus opnieuw een hele mooie verbinding tussen de boeken die we laatst hebben gelezen zijn. Dat komt eraan en van nu dankjewel voor het luisteren en graag tot de volgende. Dankjewel Tom.
[00:43:21] Tom van der Lubbe: Ja dankjewel
